Van mijn 24ste tot mijn 39ste ben ik verslaafd geweest aan harddrugs. Ik gebruikte cocaïne, heroïne en methadon en pleegde diefstallen om drugs te kunnen kopen. Mijn verslaving had me helemaal uitgeput. Ik was mijn leefstijl beu, maar het lukte me niet om er uit eigen beweging mee te stoppen. Tot die laatste arrestatie dus. In detentie ben ik afgekickt en ik heb nooit meer drugs gebruikt.

Tijdens mijn voorarrest heeft een psycholoog geconstateerd dat ik aan borderline lijd, een persoonlijkheidsstoornis. Voor de rechter was dit reden om mij deels ontoerekeningsvatbaar te verklaren voor het delict. Ik heb hem en de officier van justitie ervan weten te overtuigen dat ik wilde werken aan een ander leven. Uiteindelijk kreeg ik 10 maanden lang een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd met klinische behandeling in De Woenselse Poort.

Behandeling met toekomstperspectief

Na een wachttijd van enkele weken verhuisde ik van de penitentiaire inrichting naar De Woenselse Poort. Vooraf had ik al wat praktische informatie ontvangen. Ik was meteen bij binnenkomst verrast dat ik zelf mijn kamer in en uit kon lopen als het mij uitkwam. Wát een vrijheid in vergelijking met de bajes!

Een officiele intake heb ik nooit gehad maar tijdens het kennismakingsgesprek met mijn behandelaar en persoonlijk begeleiders kreeg ik de gelegenheid om vragen te stellen. En ik had er heel wat. Bijvoorbeeld over mijn toekomst. Ik was me er heel goed van bewust dat ik het met mijn strafblad en de gaten in mijn CV niet zou redden in de maatschappij. Om te voorkomen dat ik na 10 maanden met lege handen buiten de poort zou staan, heb ik meteen aangegeven dat ik naast behandeling, therapie en dagbesteding ook wilde werken aan een duidelijk toekomstperspectief. Anders zou mijn dure behandeling weggegooid geld zijn.

Ik had meteen het gevoel dat ik serieus werd genomen en dat mijn voorbereiding werd gewaardeerd. Mijn wens om aan mijn toekomst te werken, werd opgepakt. Ook begrepen mijn begeleiders meteen dat ik ervan houd om bezig te zijn. Al snel had ik elke dag een druk programma met fitness, sport, wandelen, scholing, houtbewerking, tuinieren en therapie.

Zelf het stuur in handen nemen

Om beter te leren omgaan met mijn borderlineklachten kreeg ik therapie. In mijn geval bestond dit uit dramatherapie, muziektherapie, psychomotorische therapie en de Liberman-verslavingsmodule. In eerste instantie volgde ik groepstherapie. Later ben ik voor drama- en muziektherapie overgeschakeld naar 1-op-1 sessies omdat ik op die manier beter kon werken aan mijn problemen. Samen met mijn therapeuten ben ik op zoek gegaan naar de oorsprong van mijn zelfdestructieve gedrag. Dat betekende dat ik terug moest naar mijn verleden.

Het opnieuw beleven van vroegere situaties heeft me veel inzichten opgeleverd. Ik ben écht tot de kern gekomen. Vanaf mijn kindertijd heb ik te maken gehad met verwaarlozing en een gebrek aan aandacht. In mijn relatie had ik te maken met huiselijk geweld. Omdat ik in mijn omgeving geen begrenzing of begeleiding kreeg, heb ik mezelf gedrag aangeleerd dat lang niet altijd goed voor mij was. Tijdens de therapie heb ik ervaren dat ik er mag zijn zoals ik ben en dat ik mijn stem mag laten horen als me iets dwarszit. Die inzichten hebben mij geholpen om zélf weer het stuur van mijn leven in handen te nemen. Dat ik openstond voor de therapie en gemotiveerd was om te veranderen, heeft daarbij zeker geholpen.

De psychomotorische therapie heeft mij geleerd om beter grenzen te stellen en te bewaken, simpelweg door naar mijn lichaam te luisteren. Ik voel het nu in mijn lijf als de spanning zich opbouwt en kan op tijd aangeven als het even genoeg is. Maar niet elke therapie werkte voor mij. Zo kon ik bijvoorbeeld niet uit de voeten met de Liebermann-therapie. Daar had ik goede argumenten voor. Die heb ik besproken met mijn begeleiders en in goed overleg is die therapie uit mijn behandelplan gehaald. In ruil daarvoor kreeg ik meer uren houtbewerking, dat matchte namelijk wél.

Elke drie maanden had ik een zogenoemde behandelplanbespreking met de behandelaar en persoonlijk begeleiders. Tijdens dat overleg kon ik alles bespreken. Of tussendoor, als ik er behoefte aan had. Zo voelde ik me bijvoorbeeld in het begin nogal gefrustreerd door de strakke koffiemomenten. Daar kon ik niet mee omgaan, ik drink graag een bakkie als ik er zélf zin in heb. Dat probleem bleek eenvoudig op te lossen: mijn moeder bracht een Senseo-apparaat voor mij mee en in het winkeltje binnen De Woenselse Poort kocht ik daarna zelf mijn koffiepads. En toen ik zei dat ik het af en toe nodig had om mee te blèren met harde muziek, mocht een vriend een cd-speler meebrengen. Ventileren, heet dat officieel.

Ervaringsdeskundigheid benutten

Vroeg of laat zou ik teruggaan naar de samenleving, dat stond vast. Dan wilde ik op eigen kracht verder kunnen, compleet met werk en alles wat erbij hoort. Pratend met mijn trajectbegeleider kwam ik op het idee om mijn negatieve ervaringen in het verleden op een positieve manier te gaan inzetten voor anderen. Ontwikkelen van ervaringsdeskundigheid, heet dat binnen De Woenselse Poort. In de eerste cursus die ik volgde, kreeg ik de opdracht mijn herstelverhaal op te schrijven. Dat leverde me een mooi certificaat op. Daarna heb ik mijn portfolio stap voor stap uitgebouwd. Met cursussen en door praktische activiteiten als rondleidingen en presentaties aan verschillende groepen. Het logische gevolg was dat ik een opleiding zou gaan volgen om ervaringsdeskundige te worden. De Woenselse Poort heeft mijn opleiding betaald en heeft me een stageplaats aangeboden.

Sterk weer de samenleving in

31 juli 2014 is mijn klinische behandeling geëindigd. Met een verwijzing van de huisarts kon ik na mijn ontslagdatum nog wat langer op het terrein verblijven. Dat was fijn, want ik had al bij binnenkomst aangegeven dat het voor mij niet goed zou zijn om na een relatief korte behandelperiode van 10 maanden weer terug te keren naar mijn eigen regio.

Mijn nazorgtraject duurde tot 1oktober 2015. In die tijd had ik reclassingstoezicht en kon ik elke week terecht bij het FACT-team voor een gesprek met een psychologe. Inmiddels sta ik helemaal op eigen benen: vrij van justitie én vrij van behandeling.

Ik heb werk gevonden binnen De Woenselse Poort. Na een open sollicitatie heb ik een contract voor 24 uur per week als ervaringsdeskundige. Dat geeft mij een goede start.

Een lastig punt is de huisvesting. Omdat ik geen regiobinding heb met Eindhoven, kon ik niet in de omgeving aan woonruimte komen. Ik heb zelfstandig woonruimte moeten zoeken. Dat is niet makkelijk. Inmiddels heb ik tijdelijk onderdak bij een kennis in Eindhoven.

Vrijheid is een groot goed. Ik heb er zelf erg naar verlangd in de periode dat ik niet vrij was om te gaan en staan waar ik wilde. Maar het échte werk begint pas als je weer de samenleving ingaat. Het valt niet mee als je dat moet doen met schulden, een strafblad en lege plekken in je CV. In mijn rol als ervaringsdeskundige geef ik dat anderen mee. Bereid je goed voor. Benut de tijd ‘binnen’ en haal eruit wat erin zit. Zo voorkom je dat je ‘buiten’ terugvalt en recidiveert. Ik kan het weten.

Onze cliënten

Zo gevarieerd als onze samenleving is, zo verschillend zijn onze cliënten.

Lees meer